NL | EN
Uitgeverij  Volwassenen

Dit is mijn hof

  • Auteur

    Chris de Stoop

  • Voorlezer

    Chris de Stoop

  • Duur

    10 uur 42 min

  • Prijs

    29.95

  • ISBN

    9789079390281

Bestel dit boek

Dit is mijn hof |

In Dit is mijn hof  is de Hedwigepolder, de beroemdste polder van de lage landen, schrijlings op de Zeeuws-Vlaamse grens, moet en zal onder water worden gezet. Deze polder is symbool geworden voor het oude boerenland dat moet wijken voor nieuwe natuurgebieden. Dit raakt de bevolking diep in de ziel.

Schrijver Chris de Stoop, boerenzoon uit de streek, keert terug naar de ouderlijke hoeve, die van de ene op de andere dag leeg is komen te staan. Terwijl hij de boerderij bestiert, ziet hij hoe het landschap om zich heen verandert. Hij is zo iemand die nog in vervoering kan raken van een mooi gevormde koe. Hij kan nog lyrisch worden over een versgeploegde akker. De auteur ziet om naar het boerenleven dat het land maakte tot wat het was, duizend jaar lang. En hij kijkt met verbijstering naar het geradbraakte land dat het geworden is.

Dit is mijn hof is een aangrijpend, persoonlijk relaas over het ellendige verdwijnen van de boeren, iets wat zich nu overal in Europa voordoet, maar nergens zo schrijnend als hier.

  • 8 september 2015 – Sander Pleij, Vrij Nederland

    Chris de Stoop leert in zijn nieuwe boek, Dit is mijn hof: we moeten beter koesteren wat we wegdoen.

    ‘Ma is kapot, die komt nooit meer goed,’ zegt de broer van Chris de Stoop. In de volgende bladzijden van Dit is mijn hof  beschrijft De Stoop de teloorgang van de boerderij van zijn ouders. Ma takelt in rap tempo af, broer woonde nog altijd samen met haar maar verkiest een snellere dood en hun geboortestreek valt ten prooi aan ‘groene mannen’ die onteigende boerderijen en land omzetten in nieuwe natuur. Veelal ten compensatie voor de gebiedsuitbreiding van de haven van Antwerpen (Doel) en de uitbaggering van de Schelde (Hedwigepolder.)

    Ellende.

    De Stoop noteert de ongevoelige wijze waarop de boeren worden verdreven. Hij bezit de gift van het goede schrijven en daarom gaat het over vaarzen die pletsend pissen en schijten, over achterkwartier, pekelkuip, drijfmest, mestvloed en hakselmaïs. Mooie woorden die botsen op het ambtelijke ammoniakemissie en stikstofdepositie.

    Misschien een beetje gekleurd (zoals Tomas Vanheste op De Correspondent schreef), maar ik kreeg evengoed mee dat het oude boerenleven toch wel verdwijnen zal, met of zonder natuurcompensatie.

    Máar! Ik houd van het Zeeuwse polderlandschap, moet ik nu zijn voor het behoud van het cultuurlandschap (weitje, akkertje, koetje, boerderijtje)? Of moet ik zijn voor groenen die een wildere natuur aanleggen (op matten van polypropyleen en met welkomstborden voor randdebielen namens ‘Xavier de ree’ en ‘Margriet de kievit’?)

    Ben ik voor akker of moeras?

    Bij De Stoop vind ik daarop het antwoord niet, wél leerde hij me dat je wat je wegdoet ook kunt blijven koesteren. Zo ken ik een Zeeuws dorp dat jaarlijks Vlasdag viert, het spul dat boeren niks meer oplevert, maar in het koesteren, in het mijmeren, in het zo mooi noteren als De Stoop ligt nog wel degelijk iets besloten van de geest die ooit was. En de geest, die moet je nooit doden. Als in deze tijd de ketting van eeuwenoude boerengeslachten verbroken wordt, dan hoeft-ie niet direct bij het oud ijzer.